28 september 2026

De vacature bereikt de vaste kern niet

De Nederlandse arbeidsmarkt is mobiel en gesloten tegelijk. Elk kwartaal wisselt een grote stroom werknemers van werkgever, maar die stroom draait rond in de flexibele schil van tijdelijke contracten, oproepwerk en uitzendwerk. De vaste kern, waar de ervaring zit die werkgevers zeggen niet te kunnen vinden, beweegt nauwelijks. Onze conclusie: wie op sollicitaties wacht, werft in de schil. De vaste kern solliciteert niet. Die moet benaderd worden, met zekerheid vanaf de eerste dag.

Een vaste stroom, terug op het oude niveau

Het CBS meet elk kwartaal hoeveel werknemers bij een andere werkgever werken dan een kwartaal eerder. Die stroom is groot en opvallend stabiel. Sinds 2013 beweegt de stroom binnen een smalle marge: omhoog in de krappe jaren 2021 en 2022, daarna weer omlaag. De piek van die jaren is volledig weggezakt. Het huidige tempo ligt vrijwel precies op dat van 2019, het laatste volle jaar voor corona.

Binnen het jaar heeft de stroom een ritme. In de meeste jaren valt het drukste kwartaal na de zomer.

Het circuit draait in de flexibele schil

Werknemers met een flexibel contract wisselen veel vaker van werkgever dan vaste krachten. Flexibele contracten zijn een minderheid van alle banen, toch leveren ze het grootste deel van de wisselaars. En na de overstap heeft de grote meerderheid van de wisselaars opnieuw een flexibel contract, ook veel mensen die met een vast contract binnenkwamen.

Op afstand lijkt dat een vloeibare arbeidsmarkt. Van dichtbij is het een gesloten circuit: de beweging komt uit de flexibele schil en keert er terug. De veel grotere vaste kern doet er nauwelijks aan mee.

Wisselen kost het vaste contract

Waarom de kern stilstaat, staat in dezelfde tabel. Van de vaste krachten die vertrekken, stapt maar een kleine minderheid direct in een nieuw vast contract. De meesten beginnen tijdelijk. Wie een contract voor onbepaalde tijd heeft, levert bij een overstap dus bijna altijd eerst zekerheid in, en die prijs staat in geen enkele salarisvergelijking.

Dus blijft de kern zitten. Werkgevers houden dat slot zelf in stand: de meeste nieuwe medewerkers beginnen flexibel, ook wie uit een vaste baan kwam. Een deel van het tekort aan vaste krachten dat werkgevers ervaren, organiseren ze daarmee zelf.

Wie er wisselt

Leeftijd bepaalt meer dan wat ook. Jonge werknemers wisselen veel vaker dan wie dan ook, de middengroep zit rond het gemiddelde en oudere werknemers wisselen bijna niet meer. Vrouwen wisselen iets vaker dan mannen.

Wat dit niet laat zien

De tabel telt alleen werknemers. Zelfstandigen vallen erbuiten, en wie van loondienst naar een eigen bedrijf gaat of andersom, telt niet als wisselaar. De cijfers komen uit de Enquête Beroepsbevolking, die in 2021 een nieuw ontwerp kreeg; detailvergelijkingen over die breuk heen zijn niet zuiver.

Belangrijker: het CBS legt niet vast via welk kanaal een wisselaar de nieuwe baan vond. Dat de vacature de vaste kern niet bereikt, is onze lezing van de stromen, geen meting van het CBS. De cijfers begrenzen die lezing wel. Bewoog de kern echt via de open markt met behoud van zekerheid, dan was de stroom van vast naar vast veel groter dan nu. Groeit die stroom duidelijk, dan verzwakt onze conclusie.

Wat je kunt doen

  • Behandel vervanging als doorlopende taak. Elk kwartaal vertrekt een vast deel van elk personeelsbestand naar een andere werkgever.
  • Gebruik de open vacature voor flexibele, jonge en startende krachten. Dat deel van de markt beweegt en reageert.
  • Benader ervaren vaste krachten rechtstreeks. Ze lezen geen vacatures, want ze hebben er geen reden voor.
  • Bied een vast contract vanaf de eerste dag. Dat neemt precies de drempel weg die de kern op zijn plek houdt, en weinig werkgevers bieden het.
  • Plan actieve werving in de maanden na de zomer, als de stroom meestal op zijn drukst is.